Voorbereiding tot transplantatie

Wie komt in aanmerking?

Niet iedere patiënt met een leverziekte dient getransplanteerd te worden. Een transplantatie biedt immers niet voor iedere leverpatiënt een oplossing, soms is het medisch niet nodig, of zijn de risico’s eraan verbonden te groot. Of men al of niet in aanmerking komt voor een levertransplantatie hangt af van een aantal factoren. Deze worden onderzocht in de zogenaamde pre-transplantonderzoeken.

Evaluatie voor transplantatie

Voor de pre-transplantonderzoeken wordt men in het ziekenhuis opgenomen.

Artsen en verpleegkundigen zullen vooraf steeds informatie geven over de nodige onderzoeken.

Als alle resultaten van de onderzoeken gekend zijn, wordt dit transplantatiedossier met alle betrokken artsen besproken. Als er besloten wordt dat levertransplantatie dé levensreddende oplossing is voor het terminaal leverprobleem en er geen ernstige medische, technische bezwaren voor zijn, betekent dit dat de artsen oordelen dat men zich in een algemene toestand bevindt die toelaat om een dergelijke zware ingreep aan te kunnen.
Nadat de patiënt en zijn/haar familie door de leverspecialist en de transplantatiechirurg een eerlijke voorlichting kreeg over de voor- en nadelen, met of zonder transplantatie, beslist men zelf of men al of niet een levertransplantatie wil ondergaan.

Wachttijd

Wanneer men instemt met het advies tot transplantatie, zullen de chirurgen, samen

met de transplantcoördinator de patiënt op de wachtlijst plaatsen.
Vanaf dan kan men elk moment opgeroepen worden en is het dus belangrijk steeds bereikbaar te zijn.
Wanneer men “op de wachtlijst staat” betekent dit dat de patiënt is ingeschreven bij de orgaanuitwisselingsorganisatie Eurotransplant. Van hieruit wordt de vraag en het aanbod van donororganen gecoördineerd.

Hoelang men zal moeten wachten is onmogelijk te voorspellen. De vraag naar donoren is nog steeds groter dan het aanbod. Het kiezen van een lever voor een bepaalde persoon, gebeurt op basis van duidelijke en transparante medische criteria.
Omdat men nooit kan weten wanneer men voor de transplantatie zal opgeroepen worden, is het noodzakelijk alles op voorhand voor te bereiden.

Wanneer men een oproep ontvangt, moet men meestal binnen de twee uren na de oproep in het ziekenhuis aanwezig zijn.

Voorbereiding op de operatie

Bij aankomst op de afdeling zullen de verpleegkundigen de patiënt inschrijven en zal de voorbereiding op de transplantatie starten.

de artsen zullen onderzoeken of de patiënt in een goede conditie is om de transplantatie te ondergaan. Indien men een ernstige infectie heeft, of als het natriumgehalte in het bloed te laag is, zal de ingreep niet kunnen doorgaan.
er wordt een EKG en een radiografie van de longen genomen. En er zullen bloed-, urine- en mondslijmvliesstalen worden afgenomen.
er moet een bad genomen worden in een ontsmettende oplossing, de mond gespoeld en de tanden gepoetst met een ontsmettingsmiddel
eventuele make-up en nagellak wordt verwijderd
een ontlastingslavement wordt toegediend
romp, armen, bovenbenen worden geschoren
tandprothese, bril of contactlenzen en juwelen moeten worden uit gedaan.
Ondanks de voorzorgen die er genomen worden, kan het gebeuren dat de voorbereidingen op de transplantatie bezig zijn en dat de ingreep toch nog wordt afgelast. Dit is het geval wanneer niet aan alle voorwaarden voor een geslaagde ingreep is voldaan. Redenen die afhankelijk kunnen zijn van de donorlever (de kwaliteit van het donororgaan kan pas echt beoordeeld worden na uitname in het donorziekenhuis en aankomst in Gasthuisberg) of die te maken hebben met de patiënt zelf. In dat geval wordt de procedure onderbroken en mag de patiënt terug naar huis, in afwachting van en nieuwe oproep.

De operatie

Via een gebogen insnijding onder de ribben wordt de nieuwe lever ingeplant.
De chirurgen plaatsen tijdens de ingreep ook een tijdelijke veneuze ‘by-pass’. Hierdoor heeft de patiënt een klein litteken in de liesstreek en in de oksel.
Tijdens het wegnemen van de oude lever, zal de chirurg ook de galblaas verwijderen.

De ingreep duurt zes tot vijftien uur. Een lange operatietijd betekent niet direct grote medische problemen, een langer ziekenhuisverblijf of een slechtere medische prognose.

Verblijf in het ziekenhuis na operatie

Tijdens de eerste periode (gemiddeld twee tot drie dagen) na de operatie verblijft men op de afdeling intensieve zorgen. Het doel van het verblijf op de intensieve zorgafdeling is een voortdurend toezicht, het tijdelijk overnemen van de ademhaling door een apparaat en het volgen en zo nodig bijsturen van de werking van de voornaamste organen van het lichaam.

Daarna verhuist de patiënt naar de afdeling abdominale transplantatie heelkunde. Hier verblijft de patiënt niet meer in een isolatiekamer en mag hij zich vrij op de afdeling verplaatsen. De verpleegkundige komt regelmatig langs voor bloednames, bloeddruk, controle van polsslag en temperatuur. De transplantatiechirurg onderzoekt
de patiënt twee maal per dag en volgt, aan de hand van de bloeduitslagen, de reacties van de lever en past de medicatie aan. Bij een eventuele afstoting en als een leverpunctie dit aantoont, zal men zonder tijdverlies de nodige medicatie krijgen. Ook een infectie wordt direct behandeld.

De duurtijd van de opname op deze afdeling varieert gemiddeld tussen de twee en drie weken.